Wetgeving

In de Woningwet 2015 is de positie van huurdersorganisaties sterk verbeterd. Zij kregen meer rechten en extra mogelijkheden. Zo zijn ze nu een volwaardige partij bij prestatieafspraken. Ze hebben nu instemmingsrecht bij het aangaan van fusies en verbindingen van corporaties. Een derde van de leden in de Raad van Commissarissen moet bestaan uit huurderscommissarissen. Het recht op financiering van huurdersorganisaties wordt beter vastgelegd. Dat werkt sinds 2015 op basis van een begroting. Daar moet achteraf uiteraard wel verantwoording over worden afgelegd. Verhuurders mogen niet langer weigeren om het inhuren van een deskundige door de huurdersorganisatie te vergoeden. Ook de scholingskosten moeten door de verhuurder worden betaald. Huurdersorganisaties krijgen het recht van enquête. Corporaties dienen, in overleg met de gemeente en huurdersorganisaties, een sociaal statuut op te stellen met afspraken hoe omgegaan wordt met sloop en renovatie van woningen en hoe de bewoners daarbij worden betrokken.  Tenslotte moeten corporaties een overzicht opstellen van voorgenomen werkzaamheden in de eerstvolgende vijf jaar. Over dit overzicht voert de corporatie overleg met huurdersorganisaties en bewonerscommissies.

Toch kan het altijd beter en in de afgelopen periode is de wet geëvalueerd en per 1 januari 2022 is deze aangepast.

Met deze gewijzigde Woningwet kunnen woningcorporaties hun maatschappelijke taken beter vervullen. Er is meer ruimte voor lokaal maatwerk. Zo vervalt het maximum investeringsbedrag voor leefbaarheid. Ook zijn regels vereenvoudigd en verduidelijkt. Denk aan corporaties die de opbrengst van zonnepanelen direct mogen terug leveren aan het net. Ben je benieuwd wat de wijzigingen voor jou betekenen? Bekijk deze video waarin de Autoriteit woningcorporaties (Aw), de Woonbond, Vereniging van Nederlandse Gemeenten en Aedes meer vertellen over de nieuwe Woningwet die sinds 1 januari 2022 van kracht is.